De grote mantelmeeuw is de grootste soort met een spanwijdte van ongeveer 1,5 meter en een lengte van 74 cm. Volwassen vogels hebben een zwarte mantel. Jonge vogels zijn gespikkeld bruin en krijgen pas in het derde voorjaar hun zwarte mantel.

De kleine mantelmeeuw heeft een leigrijze mantel, in tegenstelling tot de zilvermeeuw die lichtgrijs is. Verder heeft hij gele poten, in tegenstelling tot grote mantelmeeuw die roze poten heeft.

Het visdiefje is een tweelingsoort van de noordse stern. Het visdiefje is de algemeenste stern en bereikt een lichaamslengte tot ongeveer 35 centimeter. Het is een slanke vogel met een zwarte kopkap en een diep gevorkte staart.

De noordse stern verschilt niet zo veel van het visdiefje in uiterlijk. De snavel is in het broedseizoen echter geheel bloedrood, zonder zwarte punt.
De noordse stern is een uitgesproken trekvogel, die broedt op het noordelijk halfrond en overwintert op het zuidelijk halfrond.

De grote stern is te herkennen aan zijn zwarte kuif en snavel met een klein geel puntje. De jaren dertig van de 20e eeuw waren de gloriejaren voor de grote stern, toen er ongeveer 35.000 paren in Nederland broedden vooral in het Waddengebied.

De snavel en de poten van de kokmeeuw zijn diep, donkerrood, kop en keel zijn donker chocoladebruin. Ze hebben een smalle, witte oog-ring. Vanaf de hals verandert de kleur in wit. Die kleur loopt door in de onderdelen en de staart.

De stormmeeuw toont enige gelijkenis met de zilvermeeuw, De stormmeeuw heeft geelgroene poten en een groenachtige snavel die bovendien iets slanker en spitser is dan de snavel van de zilvermeeuw.

De zilvermeeuw is in de vlucht te onderscheiden van de stormmeeuw door de veel forsere snavel en door de witte vlek in de zwarte punt van de vleugel: bij de stormmeeuw is die groot en ovaal, bij de zilvermeeuw kleiner en onregelmatig gevormd.

5sparmanje.jpg3Huize-Miedema.png2amelanderhistorie.jpg4kontour-vastgoed-banner.png6vpva.png1Kienstrabouwbedrijf.jpg7bg-logo1-1.gif

 

Copyright 2016 De Amelander

Design:Webtool4all